Liga’s, troost & vertrouwen
‘Even kijken: Oreo’s, Smoeltjes en Liga’s. Gastvrouw Bianca Vermeer vult de koektrommel. ‘Het is maandag, dus krijgen ze een koek mee naar school.’ Bianca is al zeventien jaar gastvrouw bij iHub. Wij liepen een dag met haar mee.
Elzenpad 1 is een tijdelijke woongroep voor kinderen in de leeftijd van zes tot twaalf jaar. Stabiliseren en behandelen is het hoofddoel van het verblijf. Er wordt gewerkt aan perspectief: bij voorkeur terug naar huis. ‘Vroeger hadden we tien kinderen in de groep. Nu zes.’ Rustiger is het niet geworden sinds de groep kleiner is. ‘Hoe groter de groep, hoe strakker je een ritme aanhoudt. Nu krijgen ze meer ruimte, maar zoeken ze ook vaker de grenzen op.’ Bianca zou de kinderen het liefst allemaal vasthouden tot ze groot genoeg zijn om uit te vliegen.
7.15 uur: opstaan
Terwijl de pedagogisch medewerker (pm’er) de kinderen wekt, zet Bianca het ontbijt klaar: brood, beleg, borden, bestek. Ieder kind heeft een vaste plek aan tafel. ‘Dat scheelt een hoop discussie.’ Daarna vult Bianca één voor één de drinkbekers. Welke smaak thee, wel of geen honing, Bianca weet precies wat de kinderen drinken.
Milan is als eerste beneden. Hij schept yoghurt met cruesli in een kom. Bianca maakt zijn lunch en vult zijn schooltas met een waterfles, broodtrommel en fruit. Hij pakt het laatste zakje Smoeltjes: ‘Ha! Die zijn voor mij!’
De andere kinderen schuiven intussen ook aan. Luca doet over zijn boterham met worst uiteindelijk een half uur. Bianca spoort hem steeds zachtjes aan. ‘Eet even door, de taxi staat zo voor de deur.’ De taxi heeft sinds kort een app, wat echt een uitkomst is. ‘We hoeven niet meer te bellen en in de wachtrij te staan.’
De benedenverdieping van het huis is anderhalf jaar geleden verbouwd. Waar de behandelgroep eerst als een instelling voelde, is het nu warm en huiselijk. Er kwam een houten vloer, warme meubels en een grote eettafel. Later dit jaar wordt de bovenverdieping opgeknapt. Er komen nieuwe ruimtes: een studio om ouders te laten logeren, een knutselruimte en een ruimte voor het dagprogramma.
8.15 uur: naar school
Bianca brengt Milan naar de Bergse Veld School, de school op Park Bergse Bos. Het is vlakbij. ‘Daar zat hij al, dus dat hij kon blijven is fijn.’ Hij mag alleen naar school lopen, maar doet dit liever niet. ‘Zolang hij die nabijheid nodig heeft, geven we dat.’ Onderweg gaat het gesprek over sport. Milan sport niet, maar zou het graag willen: ‘Op mijn vorige groep hadden we dansles.’
De sneeuwval van de afgelopen tijd komt ter sprake. Terwijl de scholen van zijn huisgenootjes sloten, was dat van hem gewoon open. ‘In code oranje laat ik een kind niet alleen naar school gaan,’ zegt Bianca. Ze bracht hem weg en haalde hem ook weer op. ‘Ik kreeg toen een chocoladecroissant van Bianca,’ glimlacht Milan. ‘Ja, ik vond het zo sneu dat hij als enige wel naar school moest.’ Bianca en Milan stappen stevig door. Bianca zegt: ‘Wij oefenen alvast voor de avondvierdaagse!’ Daar doet Park Bergse Bos ieder jaar aan mee.
8.45 uur: weer thuis
Luca is nog niet opgehaald. Zijn taxi heeft vertraging. Hij kijkt nog even tv. Koen zit als enige nog aan tafel. Hij probeert zijn boterham te snijden, wat hem niet lukt. Pedagogisch medewerker Diego helpt hem: ‘Je zit ook te laag, vent.’ Hij pakt een kussen en zet Koen erop. ‘Zo beter?’ Koen knikt en gebaart dat hij ook een kussen in zijn rug wil. ‘Zo zit je lekker, prins?’ De jongen glundert.
Bianca checkt de taxi-app: ‘Luca! Schoenen aan!’ De taxi is er. Bianca loopt met hem mee naar buiten. Er staan twee taxi’s. Welke is de juiste? ‘Ga jij naar Schats School Zuid?’ De chauffeur twijfelt, rommelt wat met een lijst en zegt dan: ‘Eh ja.’ ‘Luca staat op je lijst?’ De man kijkt: ‘Eh ja.’ Bianca kijkt altijd scherp mee. Ooit is een jongetje van vijf bij de verkeerde school afgezet. ‘Zo sneu was dat. Daar moet je echt bovenop zitten.’
9.00 uur: tijd voor thee
Het is even rustig. Bianca zet thee en legt meer uit over haar functie. Ze is een gastvrouw met ondersteunende taken. Dit betekent dat ze het huishouden doet en aanspreekpunt is voor kinderen en ouders. Park Bergse Bos telt in totaal tien gastvrouwen. Op sommige dagen komt Bianca meer aan het huishouden toe en op sommige meer aan het bieden van ondersteuning richting de kinderen. Zeker wanneer kinderen door omstandigheden niet naar school gaan. De kinderen vragen aandacht en willen hun verhaal kwijt. Dat mag. ‘Je moet er voor een kind zijn,’ zegt ze. ‘Soms willen ze met rust gelaten worden. Dan doe je een stapje terug, maar je blijft in de buurt. Zeg wat je gaat doen. En doe wat je belooft. Voorspelbaarheid is belangrijk voor de kinderen.’ Kinderen vertellen Bianca dingen die ze niet zomaar iedereen zeggen. Zo kwamen meerdere meisjes naar haar toe wanneer ze voor het eerst ongesteld werden. ‘En dat zegt veel, he. Dan voelen ze zich veilig bij je.’
‘Vind je het erg als we doorpraten terwijl ik de was doe?’ Net zoals in een gewoon gezin gaat het huishouden vaak tussendoor. ‘Maar hier is de was een stuk groter. Met zes jonge kinderen blijf je bezig.’
Met enkele, inmiddels volwassen kinderen, heeft Bianca nog contact. Een meisje verloor haar moeder. Bianca en een collega bezochten de begrafenis. ‘En ik hielp haar met het huis leeghalen.’ Dit doet Bianca zeker niet voor iedereen: ‘Dit was zo triest. En ze moest het allemaal alleen doen.’
‘Een warm huis voor ieder kind,’ zegt Bianca: dat is waar het om draait.’ Met tegenzin naar het werk gaan kent ze niet. ‘Echt niet,’ zegt ze. ‘Het is zo leuk en nooit saai.’
In verband met privacy zijn de namen van de kinderen gefingeerd.
Park Bergse Bos is een locatie voor ambulante jeugdhulp en residentiële jeugdzorg en waar kinderen en hun gezinnen met ontwikkelingsproblemen behandeling, begeleiding en onderwijs krijgen.
www.ihub.nl/locaties/bergse-bos
In de serie 'Een dag op pad met...' volgen we onze medewerkers tijdens een normale werkdag. Wat maken zij zoal mee? Wat drijft en motiveert hen? En hoe houden ze het vol als het even tegenzit of lastig is?